Lichtplan maken voor je interieur

Vaak wordt de toegevoegde waarde van verlichting over het hoofd gezien. Licht staat bij de meeste mensen onderaan op het lijstje met prioriteiten en dat is jammer! Lampen kunnen je interieur namelijk maken of breken, veel mensen laten hier dus een kans liggen…

Voordat je begint met het kopen van verlichting is belangrijk dat je van te voren goed bedenkt waar de verlichting in de ruimte moet komen en welke functies het armatuur moeten hebben. Als je een compleet nieuw interieur gaat samenstellen is het een aanrader om van te voren een verlichtingsplan op te stellen. Zo krijg je duidelijk in beeld op welke punten armaturen moeten komen. Er zijn een paar basisprincipes wat betreft verlichting die je een eind op weg kunnen helpen.

 

Er zijn 4 soorten verlichting:

1. Algemene verlichting
Algemene verlichting wordt ook wel de basis verlichting genoemd. Hiermee zorg je ervoor dat er zich voldoende licht in de ruimte bevindt zodat de ruimte mooi egaal en diffuus verlicht wordt. Het licht is onopvallend en geeft zo min mogelijk schaduwwerking waardoor het rustig aan je ogen is. Het benaderd zoveel mogelijk daglicht. Dit kun je bereiken door het plaatsen van bijvoorbeeld uplighters. Deze lampen schijnen het licht naar boven waar deze wordt weerkaatst door het plafond en zo de ruimte diffuus verlicht. Vaak heeft algemene verlichting een hoge lichtopbrengst en heeft het een goede balans tussen direct en indirect licht.

2. Werkverlichting
Werkverlichting of functionele verlichting is gericht licht. Je kan hierbij denken aan verlichting boven de eettafel of een leeslamp naast een fauteuil. Vaak wordt deze soort verlichting op verschillende momenten op de dag gebruikt waardoor het fijn is als de verlichting verstelbaar of dimbaar is. Zo is het fijn als een lamp boven de eettafel te dimmen is, bij het lezen van de krant is meer licht nodig dan bij een romantisch diner. Wel is het belangrijk dat je niet in de lichtbron kijkt en er geen schaduwwerking op het werkblad optreedt.

3. Accentverlichting
Accentverlichting wordt gebruikt om een object of plek uit te lichten en de aandacht hierop te richten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een spot die een schilderij of bouwkundige details uitlicht.

4. Decoratieve verlichting
Bij decoratieve verlichting of sfeerverlichting staat de esthetiek van het armatuur voorop. Het heeft in eerste plaats niet meer de functie om een ruimte te verlichten, maar geeft een mooi effect. Veel van deze lampen hebben een lagere lichtopbrengst en vallen op door hun uiterlijk. Ze vormen een eyecatcher in je interieur, ook een haardvuur of kaarsen vallen onder decoratieve verlichting.

 

Het maken van een lichtplan

De eerste stappen voor het maken van een lichtplan zijn eigenlijk hetzelfde als het maken van een interieurplan. In de vorige stappen heb je een plattegrond van je interieur gemaakt. Deze heb je ook weer nodig bij het maken van je lichtplan. Heb je deze niet gemaakt? Kijk dan even bij de vorige stap en zorg dan dat je een plattegrond van de ruimte hebt en teken hier de meubels in.

Lichtinval in je interieur bepalen

Voordat je begint met het maken van een lichtplan is het belangrijk om de ruimte goed in beeld te krijgen. Zoals je bij het maken van een plattegrond al hebt gezien is het belangrijk om het daglicht te analyseren. Op welke plaatsen in de ruimte komt er daglicht binnen en welke kleur heeft dit licht? Door ramen die op het noorden liggen komt veel koeler en blauwer licht binnen dan door ramen die op het zuiden liggen. Ook veranderd de lichtkleur gedurende de dag, ’s ochtends is het licht roze, ’s middags bijna wit (neutraal), ’s middags geel en als de avond valt wordt het licht blauw.

Functies in je interieur bepalen

Op je plattegrond heb je aangegeven welke functies op welke plaats moeten komen. Deze kan je nu vertalen naar de soort verlichting die hierbij past. Bedenk goed welke functie om welk soort licht vraagt. Op de bank kan je lekker languit tv kijken, maar misschien wil je hier ook wel eens een boek lezen.

Als je bijvoorbeeld kijkt naar de zithoek dan heb je in de eerste plaats algemene verlichting nodig. Dit kan een plafondlamp, spots met directe verlichting of een uplighter met indirect licht zijn die zorgt voor diffuus licht. Dit maakt de schaduwen die andere verlichting veroorzaakt zachter. Meestal is deze verlichting dimbaar en kan dus geregeld worden. Daarna pas je functionele verlichting toe op plekken waar het nodig is. Denk in dit geval bijvoorbeeld aan een leeslamp naast de bank of fauteuil. Als je een mooi schilderij of ander object hebt kan je deze aanlichten met accentverlichting zoals een spot die direct licht geeft. Als deze verlichting in balans is heb je in principe een goed lichtplan, je kan dit nog aanvullen met decoratieve of sfeerverlichting.

Verlichting intekenen op de plattegrond

Als je tevreden bent over de indeling teken je de verlichting in op je plattegrond. Maak hierbij onderscheid tussen de verschillende soorten verlichting. Geef aan of het licht op de wand, in de vloer of in het plafond zit. Je kunt ook aangeven welke richting het licht op schijnt (omhoog, omlaag, horizontaal of diagonaal).

Als je een bestaande situatie hebt ga hier dan zoveel mogelijk van uit. Wanneer je gaat verbouwen of je huis nog gebouwd moet worden denk dan van te voren goed na over de aansluitpunten, stopcontacten en schakelaars. Als dit achteraf nog veranderd moet worden kost dit vaak veel meer geld!

 

Aankoop van de armaturen

Pas als je verlichtingsplan klaar is kan je gaan kijken welke bestaande lampen je kunt gebruiken en waar nieuwe armaturen moeten komen. Voor de basisverlichting raden we eenvoudige en tijdloze armaturen aan die niet teveel aandacht vragen. Zorg er verder voor dat alle lampen binnen een bepaalde stijl of vormgeving passen. Zo voorkom